Of beluister alleen de audio
Samenvatting
Waar gaat deze preek over?
Dit is de eerste preek in een serie over het boek Jona. Naast Jona 1:1-3 wordt ook 2 Koningen 14:23-29 gelezen, om te zien in welke tijd Jona leefde. Een gewone profeet met een bewezen staat van dienst krijgt een opdracht die alles op zijn kop zet.
Hoofdpunten
- Wie is Jona? Hij is de zoon van Amitai, wat “mijn trouw” betekent. Jona zal ontrouw zijn, maar God blijft hem trouw. Hij komt uit Gat-Hefer in Zebulon, een streek van zeelieden en handelaars, en hij profeteerde al onder koning Jerobeam II. Zijn naam betekent “duif”, en in Hosea 7 is de duif onnozel en zonder verstand. Jona zal die naam eer aandoen.
- Jona krijgt een opdracht. Het woord van de HEERE komt tot hem: sta op, ga naar Nineveh en predik tegen die stad. Assyrië stond bekend om zijn wreedheid, en Jona moest daar in eigen persoon naartoe. Het kwaad van Nineveh is opgestegen voor Gods aangezicht. God verdraagt de zonde niet, ook niet bij de heidenen. Toch heeft Hij geen vreugde in de dood van de goddeloze, maar wil Hij dat die zich bekeert en leeft (Ezechiël 33:11).
- Jona’s reactie. “Maar Jona stond op om naar Tarsis te vluchten, weg van het aangezicht van de HEERE.” Hij gaat niet uit angst. Jona 4:2 laat zien waarom: hij wist dat God genadig is, en hij gunde Nineveh die genade niet. Mozes en Gideon aarzelden omdat ze zich onbekwaam voelden. Bij Jona is het onwil, uit trots. En zijn weg gaat letterlijk en geestelijk naar beneden.
- Wat doe jij als Gods woord tot je komt? Gun jij de collega die je treitert of de buurjongen die je fietsband leeghaalt de liefde van Christus? Romeinen 1 en 2 laten twee manieren zien om voor God te vluchten: als de jongste zoon die nergens om geeft, en als de oudste zoon die het in eigen kracht probeert.
Kerngedachte
Iedereen vlucht van nature voor God, de goddeloze en de religieuze mens. Maar Christus heeft de toorn over de zonde gedragen, en God roept op tot bekering met de belofte dat Hij zondaren zalig maakt. Luther gehoorzaamde het woord, Jona liep weg. Wat doe jij?
Meer preken
Het hart van Vader
Lukas 15:11-32
Een dubbele blijdschap over de gevonden penning
Lukas 15:8-10
Het verloren schaap
Lukas 15:1-7